Vitamine C, what else?

Vitamine C, what else? Dit is de titel van hoofdstuk 14 in mijn boek Stille Slopers. Ook in drie andere hoofdstukken wordt aandacht besteed aan deze onmisbare vitamine. Langzaam maar zeker begint het grote belang van vitamine C ook door te dringen bij artsen en behandelaars. Ik lees nu het volgende bericht: “Forse dosis vitamine C goed voor overlevenden hartstilstand“.

Een van de onderzoekers zegt dat er sterke aanwijzingen zijn dat vitamine C levens kan redden. En dat kan via een infuus. Daarmee kan tot 10 gram vitamine C per dag worden toegediend. Het Voedingscentrum vindt overigens nog steeds dat mensen genoeg hebben aan 75 milligram per dag …

Prof. Dr. Heleen Oudemans is de bedenker van het project. “Als vitamine C in een hoge dosis en direct via het infuus wordt gegeven, kunnen de antioxidante effecten enorm zijn” zegt zij.

Is dit allemaal nieuw? In het geheel niet! Lees Stille Slopers!

Alle mensen lijden aan een tekort aan vitamine C. Want vitamine C kunnen we niet zelf aanmaken, maar dieren (paar uitzonderingen daargelaten) wel. En dit is het punt: vitamine C is een behoefte afhankelijke vitamine, die mensen nooit in die mate via de voeding binnen kunnen krijgen. In het boek Stille Slopers leg ik dat allemaal uit. Dus aan hoeveel meer stress het organisme wordt blootgesteld, des te meer vitamine C nodig is. Dat kan wel oplopen tot 100 gram of meer per dag.

Lees het boek, raadpleeg de daarin genoemde bronnen en trek je eigen conclusies en laat je niet intimideren door de Katan’s en de Hertzberger’s van deze tijd. (Voor degene die niet weet wie dit zijn: voedingswetenschappers en microbiologen, die lijden aan cognitieve dissonantie.)

In Nederland zijn er trouwens al artsen die vitamine C infusen geven vóór dat een operatie plaatsvindt en ook erná. Met “mooie resultaten”, zoals een arts mij schreef. En in Amerika zijn er al behandelingen (bestaan al zo’n twintig jaar) waarbij de patiënt een vitamine C infuus krijgt gedúrende de behandeling.

Taaislijmziekte: oorzaak onbekend?

AD medicijn tegen taai slijm

Jan Greijn (63) is een van de oudste taaislijmziektepatiënten van Nederland. Dat is  bijzonder, want de meeste patiënten worden niet ouder dan dertig jaar. In een interview met het AD (8 juni 2017) zegt hij onder meer: “Negen jaar geleden ben ik verhuisd van hartje Rotterdam naar Bruinisse. Die frisse zoutige lucht, dat scheelt.” Maar waarom is hij in het nieuws? Omdat hij baat heeft bij een medicijn dat €170.000 per jaar kost. En dat is te veel voor vergoeding in het basispakket, zegt de Minister. Iedereen – ruime Kamermeerderheid – te hoop. De andere  kant van de medaille: de fabrikant is al jaren verlieslatend. Beurswaarde: 32 miljard dollar. Topman verdiende in 2016 totaal 17,4 miljoen dollar. Tja.

In het boek ‘Stille Slopers‘ (bladzijde 146) schrijf ik: “En dit terwijl al tientallen jaren miljarden dollars en euro’s worden besteed aan onderzoek. Dan krijg je toch het gevoel dat er iets niet klopt… Ik noemde dat een schrijnend voorbeeld. Nog steeds worden fondsen geworven om de oorzaak van taaislijmziekte (cystic fibrosis, ofwel mucoviscidosis) op te sporen. De oorzaak is echter al sinds 1978 bekend. Het blijkt een ernstig tekort aan selenium te zijn bij de moeder van het met de aandoening geboren kind en dus ook een tekort  aan selenium bij het kind. “A veterinarian for thirty years, Dr. Wallach, worked as a research veterinary pathologist with the National Institute of Health (NIH) at Emory University. Having discovered and identified the first animal models for cystic fibrosis in monkeys, he found that he could reproduce their condition at will, because it was caused by a nutritional deficiency. His findings offered great promise for children suffering with the debilitating disease. The only problem he didn’t anticipate, was the reaction from the Institute. Within twenty-four hours after he made his findings public, he was fired. NIH wasn’t interested in seeing their grants and other funding eliminated.

Het bewijs wordt door de gevestigde orde en de patiëntenverenigingen gewoonweg niet geaccepteerd. Want ja, de belangen, en dan ook nog eens een veearts… (de vergelijking met tandarts Weston A. Price dringt zich op). De ‘veearts’ die zich later tot een zeer breed geschoolde deskundige ontwikkelde is Joel D. Wallach. Hij schreef samen met Dr Ma Lan het boek: ‘Dead doctors don’t lie‘ (1999, derde editie 2011). Vanwaar deze titel? Je zou toch verwachten dat uitgerekend artsen zouden weten hoe gezond oud te moeten worden. Dat was kennelijk niet het geval. Ten tijde van het schrijven van zijn boek was de gemiddelde leeftijd van artsen in de Verenigde Staten veel lager dan dat van de gehele Amerikaanse bevolking. Wallach zelf, (pagina 314-315): “In 1978, I made the first universally accepted diagnosis of CF in a laboratory animal (rhesus monkeys). The diagnosis was based on characteristic CF changes in the pancreas and liver in baby monkeys. These were confirmed by CF experts from Johns Hopkins School of Medicine, Emory University, and the University of Chicago! Experts from NIH and the CF Foundation were overjoyed – that is untill they learned that I could reproduce the CF changes with a congenital selenium deficiency in almost any animal species. With this revelation, I was fired with 24 hours notice, and ‘blackballed’ from research. Just to show how ruthless they are, I was fired ten days after my wife died of cancer.

Droom en werkelijkheid

Droom
Trek had ik. Ging zitten aan een tafel waar net een gezelschap had ontbeten. Zat nog niet of de voormalige Majesteit schoof met een gemakkelijke stoel aan. Om mij gezelschap te houden, want zelf had ze al gegeten. Ik pakte een snee krentenbrood en wilde daar wat op smeren. “Dat doe ik”, zei ik tegen de voormalige Majesteit, “zodat het beleg beter plakt.” Dat was de niet onlogische gedachte van onze zoon toen hij nog klein was en voor het eerst de boterham zelf ging besmeren. “Wat gebruikt u zelf eigenlijk”, vroeg ik aan de voormalige Majesteit, “roomboter of margarine?” Prompt kwam het antwoord: “Wij gebruiken het allebei!”

Becel met roomboter

Werkelijkheid
Hoe kóm je erop! Een voor de hand liggende vraag, natuurlijk. De verklaring staat op bladzijde 24 van “Stille Slopers“. Daar schreef ik: “En in december 2015 werd ook Becel met roomboter gelanceerd”. Er staat op het pakje duidelijk met ROOMBOTER en de vervolgtekst luidt: “met een mix van zonnebloemolie, lijnzaadolie, koolzaadolie en roomboter“. Ook had ik geschreven dat de fabrikant bezig was om roomboter aan het margarinemerk Blue Band toe te voegen. Maar een oud-medewerker van de fabrikant wijst mij erop dat dit niet juist is: “De fabrikant voegt geen roomboter toe, maar roomboteraroma“. De omschrijvingen op de respectievelijke websites zijn mistig, mag ik het daar op houden?

Maar de belangrijkste vraag blijft natuurlijk: waaróm voegt de fabrikant roomboter – of zo je wilt roomboteraroma – toe aan de margarine?

Sepsis (bloedvergiftiging) overleven

Dr. Paul E. Marik, arts op de intensive care bij de Eastern Virginia Medical School deed zijn ontdekking bij toeval, toen hij een jonge patiënte behandelde die anders zou zijn overleden. Maar eerst: wat is sepsis? Wikipedia: “Bloedvergiftiging (wetenschappelijke benaming sepsis) is een ernstig, soms dodelijk verlopend ziektebeeld als gevolg van een infectie, die meestal wordt veroorzaakt door bacteriën of hun producten (toxinen). Het is een ontstekingsreactie van het hele lichaam als reactie op de betreffende infectie.

Hoe groot het probleem is kun je lezen op de site van de Sepsis Alliance. In de Verenigde Staten vallen er jaarlijks meer dan 250.000 doden door sepsis; wereldwijd meer dan acht miljoen mensen. Omgerekend naar bevolkingsaantal zou je dan voor Nederland op ongeveer 12.500 doden per jaar uitkomen. (volgens een artikel in het NTvG van sept. 2017 zou dat aantal lager liggen, zie het vervolg van deze column).

Maar hoe kwam dokter Marik op het idee? Hij had kort daarvoor over de genezings-potentie van vitamine C gelezen. Hij gaf de verpleging de opdracht om vitamine C in combinatie met hydrocortison intraveneus toe te dienen, in een desperate poging het leven van zijn patiënte te redden. En dat lukte. Vanaf dat moment heeft zijn ziekenhuis deze methode toegepast met enorm resultaat.  Voordat het protocol werd toegepast overleed 40% van de patiënten. Na toepassing nog 8,5%.

Via deze link kun je alle gewenste informatie zelf ophalen, maar toch geef ik hier het behandelprotocol weer, zodat je dat direct kan zien, want dit is wereldnieuws – al heb je dat nog in geen enkele krant kunnen lezen of op je scherm gezien.

Vitamin C: 1,5 g IV q 6 hourly for 4 days or until discharge from the ICU. Vitamin C is provided by the manufacturer as a 50 ml vial at a concentration of 500 mg/ml. Three (3) ml of vitamin C will be placed in a 100 ml bag of either dextrose 5% in water (D5W) or normal saline and infused over 60 minutes.
Hydrocortisone*: 50 mg IV push q 6 hourly for 6 days or until discharge from the ICU. Taper is not required. Optional dosing strategy: Hydrocortisone 50 mg bolus, followed by a 24-hour continuous infusion of 200 mg for 4 days.
Thiamine**: 200 mg IV q 12 hourly for 4 days or until discharge from the ICU. Intravenous thiamine (200 mg) was placed in a piggyback in 50 ml of either D5W or normal saline and administered as a 15-minute infusion.

* Hydrocortison (cortisol) is een bijnierschorshormoon.
** Thiamine is vitamine B1.

Het is de combinatie van vitamine C en hydrocortison die alleen al werkt. Later is daar vitamine B1 (thiamine) aan toegevoegd, omdat  thiamine de cellen helpt om vitamine C te absorberen en ook omdat patiënten er vaak een tekort aan lijken te hebben.

Ik voeg daar aan toe dat tekorten aan vitaminen en mineralen veel meer voorkomen dan men ons wil laten geloven, vandaar ‘Stille Slopers‘. Ik heb in hoofdstuk 11 (Scheurbuik), hoofdstuk 12 (Helden van de twintigste eeuw), hoofdstuk 13 (De opvolger, de hypothese en het bewijs) en hoofdstuk 14 (Vitamine C, what else?) aandacht aan vitamine C besteed. Geef deze informatie door aan je arts en/of aan familie, vrienden en bekenden die met sepsis worden geconfronteerd. Want je moet niet denken dat dit protocol zomaar omarmd zal worden in de wereld. Zo werkt het niet. Je krijgt eerst te maken met de bekende weerstanden, zoals negeren, scepsis, ontkenning, niet bewezen verklaren, verdacht maken, verzin het maar. Nee, voordat dit protocol wereldwijd zal worden geaccepteerd, daar gaat nog wel een generatie overheen. Ja, zo’n twintig jaar… En, wat ik niet uitsluit, is, dat belanghebbenden dit van de agenda zullen proberen te krijgen. Want de behandeling is goedkoop, slechts zo’n zestig dollar in de VS…

Ik merk hierbij nog op, dat de doseringen van vitamine C relatief laag zijn (vier maal 1,5 gram), zeker in vergelijking met die zoals deze onder meer worden toegepast door dokter Levy en de Riordan Clinic (meer daarover in hoofdstuk 14 van ‘Stille Slopers‘). Daar geeft men infusen van 50 gram en meer. De vraag is dan ook of een infuus met alleen vitamine C in een hogere dosering niet hetzelfde resultaat zou hebben opgeleverd als met het protocol van Marik werd bereikt. Dit klemt temeer, nu in het ‘Nederlands tijdschrift voor Geneeskunde’ (NtvG) een artikel verscheen (30 mei 2017), waaruit de conclusie zou kunnen worden getrokken dat hydrocortison alléén – hoewel controversieel – niet de oplossing is.

Update 14 september 2017: Bovengenoemde Dr Paul E. Marik is een van de – vele – sprekers op de ‘Diet and Optimum Health Conference’ van het Linus Pauling Institute, Oregon State University, Corvallis, Oregon (13 – 16 september 2017). Citaat: “The conference will highlight internationally renowned speakers with innovative approaches to improving health, and an entire day dedicated to Dr. Pauling’s legacy – the use of intravenous vitamin C in cancer and sepsis”(nadruk WZ). Was getekend:

  • Maret G. Traber, Ph.D., Ava Helen Pauling, Professor College of Public Health & Human
  • Fred Stevens. Ph.D., Director Linus Pauling Institute, Professor of Pharmaceutical Sciences College of Pharmacy

Het gehele programma kan hier bekeken worden. Toch haal ik in het kader van deze column over SEPSIS het volgend even naar voren:

IV VITAMIN C THERAPY IN SEPSIS
Chair: Margreet Vissers, PhD, University of Otago, Christchurch, New Zealand

Nu wil het toeval dat het ‘Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde’ uitgave september 2017 een artikel heeft gepubliceerd, met als titel “Sepsis: nieuwe inzichten, nieuwe definitie”. Over vitamine C geen woord…

Citaat: “De incidentie van sepsis stijgt onder meer door vergrijzing van de bevolking, toenemend gebruik van immuunsuppressiva en antibioticaresistentie. De overleving van patiënten met sepsis is sterk verbeterd, mede door de steeds beter wordende zorg op de IC en implementatie van evidencebased richtlijnen”. Laten we eens kijken hoe dat zit. Citaat: “Jaarlijks worden in Nederland circa 13.000 patiënten opgenomen met ernstige sepsis volgens de oude definitie, van wie er naar schatting (nadruk WZ) 3.500 overlijden in het ziekenhuis (dat is ongeveer 27%, WZ). “Nederlandse gegevens laten zien dat gemiddeld 39% van de patiënten binnen 1 jaar na de septische episode is overleden” (Dat zijn ongeveer 5.000 mensen, WZ). “Ook geeft sepsis tot zeker twee jaar na ontslag uit het ziekenhuis een verhoogd risico op vroegtijdig overlijden”.

Ik breng de lezer in herinnering dat er bij Dr Marik, na invoering van het vitamine C protocol, nog slechts een sterftepercentage was van 8,5 procent. In ‘Stille Slopers’ kun je lezen hoe je zelf je vitamine C status op kan (laten) voeren tot het gewenste niveau, altijd in overleg met een arts natuurlijk!

Update 11 oktober 2017: In maart 2017 gaf Dr Marik een interview, zie de video hieronder (duur 13 minuut 37s). Als YouTube er een reclamevenster doorheen zet kunt u dat met het kruisje wegklikken.

Hieronder het wetenschappelijke verhaal van Dr. Marik (duur 54 minuut 42s)

 

Regeneratieve geneeskunde

Hartfalen, nierfalen en versleten tussenwervelschijven. Dit soort aandoeningen moet het lichaam in de toekomst zelf kunnen genezen. Topwetenschappers van de TU/e, Universiteit Maastricht, en uit Utrecht (UMC Utrecht, Hubrecht Instituut en Universiteit Utrecht) gaan hiervoor intelligente biomaterialen ontwikkelen die het zelfherstellende vermogen van het lichaam activeren en sturen.” Aldus een persbericht op 8 mei 2017 van de Universiteit Eindhoven.

Fantastisch toch? Vooral voor al die onderzoekers? Want jaren interessant werk voor de boeg! En: mogelijk het verkrijgen van octrooien die commercieel best wel aantrekkelijk zouden kunnen worden.

Nu heb ik altijd in de veronderstelling geleefd dat het organisme, ons lichaam, mits aan de voorwaarden is voldaan zoals ik in ‘Stille Slopers‘ heb beschreven, al een zelfgenezend systeem ís, zoals vader en moeder natuur dat hebben ontworpen. En dat het dus in de eerste plaats gaat om het voorkómen van ‘dit soort aandoeningen‘. Hoe? Door een optimale voeding en leefstijl. De onderzoekers gaan dit aspect kennelijk buiten beschouwing laten. De laatste zin van het persbericht vraagt nog wel de aandacht: “Ook belangrijk is de doelstelling om de vindingen uit het programma uiteindelijk via bedrijven naar de markt te brengen, zodat patiënten, de maatschappij en de economie er baat bij hebben.” In het slot van deze zin ontbreekt: “de onderzoekers”.

Bewuste breindoping

Doping is van alle tijden, hoewel ik dit niet wetenschappelijk kan bewijzen… Bewuste breindoping is echter meer van de laatste tijd. “Studenten gebruiken op grote schaal ADHD-medicijnen afkomstig van vrienden of studiegenoten om beter te kunnen studeren. Dit blijkt uit een peiling door het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM). Het instituut vraagt aandacht voor de handel in concentratieverhogende middelen als Ritalin en Concerta en roept op tot betere voorlichting over de nadelen van het gebruik. Uit de peiling onder ruim 400 studenten blijkt dat één op de vier studenten methylfenidaat, de werkzame stof uit de ADHD-medicatie, gebruikt zonder dat ze dat door een arts hadden voorgeschreven gekregen. Tachtig procent van hen doet dit om de studieprestaties te verbeteren. Een klein deel gebruikt het tijdens het uitgaan.”

Lees hier verder over de levendige Ritalinhandel bij studenten. “De bijwerkingen: hart- en vaataandoeningen, depressie, angst, zelfmoordneigingen, en slapeloosheid worden veel gemeld.” De (bij)werking primaire pulmonale hypertensie met plotseling doodvallen tot gevolg – dat staat er niet bij. En dat gebeurt bij studenten, maar ook bij jonge sporters. Als doodsoorzaak wordt dan bijvoorbeeld aangegeven: aangeboren hartafwijking. Dat kun je bij de oudere doodvallende gebruikers van methylphenidaat natuurlijk niet meer volhouden, dat ze een aangeboren hartafwijking hadden. Lees het artikel over ADHD-fraude van apotheker Haesbrouck.

Ritalientje?

Een CBG-nieuwsbericht van 24-04-2017: “Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) heeft met zorg kennis genomen van de meest recente cijfers over bijwerkingen van methylfenidaat bij volwassenen met ADHD. Methylfenidaat is de werkzame stof in ondermeer Ritalin en Concerta. Gebruik door volwassenen is niet goedgekeurd door het CBG vanwege onder meer een verhoogd risico op cardiovasculaire (hart- en vaatziekten) en psychische bijwerkingen“. Het is om te huilen, mensen. Want voor kinderen zou dat spul onschadelijk zijn?

De Belgische ziekenhuis-apotheker  Fernand Haesbrouck waarschuwt al jaren tegen het almaar toenemende gebruik van methylfenidaat, vooral bij kinderen en jonge mensen. Hier zijn nieuwsbrief nummer 1040. Ja, je leest het goed, nummer duizendveertig.

Na even verder graven op de site van het CBG komen we op de “Samenvatting van de productkenmerken” van Ritalin. Daar word je niet vrolijk van, laat ik het daar maar op houden…

En dan te bedenken dat ADHD helemaal niet bestaat, althans niet is aan te tonen. Afkruisen van een puntenlijstje, that’s all. Uit overwegingen van pedagogisch comfort is het natuurlijk heerlijk als die lastige kinderen lekker rustig – want gedrogeerd – zijn. En die schade aan hun hersenen? Ach, dat zien we later wel.

Patatje mét

Als ik de jaarlijkse friettest van het AD mag geloven (22 april 2017), dan worden de frietjes steeds verser en lekkerder, wat blijkt uit het feit dat de eerste 77 plaatsen in het klassement worden ingenomen door verse-friet bakkers. Helaas blijven er aan het eten van friet ook nadelen kleven.

De discussie richt zich onder meer op het wel of niet schillen van het meest bespoten product: de aardappel. Nu laat ik ook de olie waarin gefrituurd wordt maar even buiten beschouwing en richt me op acrylamide. Het AD: “Acrylamide is een stofje dat in levensmiddelen ontstaat als de in het product aanwezige suikers verbranden, bijvoorbeeld door frituren. Hoe bruiner de friet, hoe meer verbrande suikers.  De hoeveelheid acrylamide varieert per aardappelsoort. Of een aardappel een goede frietaardappel is, kan van de hoeveelheid acrylamide afhangen. In een studie van enkele jaren geleden concludeerde de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid EFSA dat acrylamide een gevaar voor de volksgezondheid kan betekenen. De stof wordt ervan verdacht kankerverwekkend te zijn. Sindsdien geldt het advies niet boven 175 graden te frituren en niet te donker af te bakken. De levensmiddelenindustrie gaat uit van het principe ‘zo laag als redelijkerwijs haalbaar’.

Eén maatregel daarbij is het blancheren van de aardappel. Alle grote producenten gebruiken deze techniek. Punt is wel dat daardoor ook de specifieke aardappelsmaak afneemt. Ook de Rotterdamse aardappelgroothandel H.G. Heezen vraagt vanuit zijn (vak)kennis met klem om aandacht voor de problematiek rondom acrylamide. “Het selecteren van de juiste frietaardappel is een van de factoren om acrylamide in friet te verminderen. Aardappelrassen die zich lenen voor biologische landbouw zijn helaas minder geschikt als frietaardappel, waardoor genoemde  acrylamidevorming hier in sterkere mate aanwezig is en vaak goed zichtbaar is bij een biologisch frietje”. Heezen wil waarschuwen tegen wat hij noemt ‘de verheerlijking van bruin gebakken friet’. “Of deze biologisch is of niet maakt geen verschil”.

Alles bij elkaar lijkt het niet onverstandig met mate van een patatje te genieten. Patatje mét? Nog matiger! Lees er ook over in hoofdstuk 6 van Stille Slopers: Brood, daar zit wat in!?

Gezonde geiten?

Geiten zijn heel gezonde dieren – in hun natuurlijke omgeving. Iets anders wordt het wanneer deze dieren met duizenden tegelijk in megastallen worden (op)gefokt. De geitencyclus draait op volle toeren. Wat dat is? Ondernemers krijgen tot drie keer zoveel geld voor geitenmelk als voor koemelk. En het ANP meldt (18 april 2017): “Geitenmelk, geitenkaas en geitenyoghurt winnen aan populariteit. Volgens de Nederlandse Geiten Zuivel Organisatie (NGZO) is er vorig jaar 300 miljoen kilo geitenmelk geproduceerd. In 2000 was dat nog 75 miljoen kilo.” Dus wat doen ondernemers? Die gaan nog meer investeren in geitenbedrijven.

En dan – in 2007 – breekt de Q-koorts uit, veroorzaakt door een bacterie die de geiten bij zich dragen en overdraagbaar is op mensen. Er vallen doden, er raken mensen geïnvalideerd. Megastallen worden ‘geruimd’, dat betekent dat die dieren massaal worden afgemaakt. Maar ‘we‘ hebben een oplossing gevonden: verplicht  vaccineren. Is dat waterdicht? Ook bij een mutatie van de bacterie? En ondervinden die beesten daar geen nadelige gevolgen van? En wat kost dat allemaal? Want: niet iedereen wordt er toch ziek van? Nee, en waarom niet?

Omdat sommige mensen een goede weerstand hebben en andere niet. En die laatsten worden het slachtoffer. Collateral Damage, wordt geaccepteerd. Slachtoffers hebben zich verenigd en procederen tegen de staat. Tot nu toe verloren. Op 20 april 2017 om 18.33 uur krijgt het ANP in de gaten dat ze de kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer (what’s in a name…) in hun bericht van 13.47 uur nog ombudsman genoemd hebben. Zij sprak met zeven patiënten tussen de elf en achttien jaar: “Het was indrukwekkend. Ze zijn niet alleen moe, maar lijden aan migraine, voelen zich misselijk en zijn vaak overprikkeld, wat een beetje lijkt op ADHD. Daar bovenop komt dat ze een onduidelijk perspectief hebben: kunnen ze wel of niet naar school, kunnen ze een opleiding aan, hoe komen ze aan een baan en wat vertellen ze een werkgever?” Volgens Kalverboer zien sommige jongeren de toekomst zo somber in dat ze er depressief van worden. Ze stuiten nog vaak op onbegrip, zegt ze.

De Q-koortsproblematiek speelt dus nu al tien jaar! Zoals ik hiervoor schreef: de geitencyclus draait op volle toeren. En dat betekent dat er op enig moment overproductie zal ontstaan met kelderende prijzen, dat er subsidie regelingen in het leven worden geroepen, dat er uitkoopregelingen worden bedacht, enzovoort. Je kunt er op wachten. De sector is inmiddels zo groot geworden, dat als het fout gaat, de problemen niet meer beheersbaar lijken. Oud-GGD arts Jos van der Sande zegt dan ook: “Het is onbegrijpelijk dat wij toelaten dat er grote stallen gebouwd worden, en ook nog eens in deze hoeveelheid.

Update 16 juni 2017: Het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) publiceerde op 16 juni 2017 dit bericht: “Vaker longontstekingen in de buurt van veehouderijen“. Met name gaat het over geitenhouderijen en pluimveehouderijen.

Update 23 juni 2017: Op 22 juni 2017 publiceerde het AD over twee pagina’s een artikel: “10 Jaar Q-koorts, een stille ramp“. De krant schrijft: “Uiteindelijk zouden in Nederland naar schatting misschien wel 100.000 mensen besmet raken. Het grootste deel werd niet ziek of genas vrij snel. Maar zo’n 800 tot 1000 mensen bleven chronisch moe en ontwikkelden het Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QVS). Daarnaast zijn er nog eens honderden mensen bekend die chronische Q-koorts hebben. Vaak gaat het om mensen uit risicogroepen. Van de mensen die overlijden aan Q-koorts heeft het grootste deel de chronische variant. Volgens een database van het Universitair Medisch Centrum Utrecht zijn zeker 74 mensen overleden. Het is aannemelijk dat het er in werkelijkheid (veel) meer geweest zijn. Er waren en zijn immers ook chronische Q-koortspatiënten die nooit een diagnose hebben gehad.” Het is een grof schandaal: bestuurlijk (bagatelliseren) en medisch onvermogen. Lees eens het boek van dokter Thomas Levy: “Het ongeneeslijke genezen“. Het Brabants Dagblad heeft een project – het Q-koorts Monument – opgezet van interviews met 20 nabestaanden.

Update 24 juni 2017: De apen komen langzaam uit de mouwen. Roel Coutinho, hoogleraar Life Sciences, voorheen directeur infectieziekten-bestrijding van het RIVM, zegt in een interview met De Gelderlander op 23 juni 2017 onder meer: “Er wordt altijd wel gezegd: volksgezondheid staat voorop. Maar in de praktijk is dat niet meteen zo. Er waren economische belangen, daar moet je eerlijk over zijn. De afweging is dan: nu ingrijpen of nóg beter uitzoeken hoe het zit. Zo was het ook bij de Q-koorts. En ja, er is een politiek-bestuurlijke afweging gemaakt die achteraf grote nadelige gevolgen heeft gehad voor de Q-koortspatiënten. Dat is hard, maar waar.” De toenmalige landbouw-minister Gerda Verburg (CDA) hield zich voor de journalist onbereikbaar. En de toenmalige gezondheid-minister Ab Klink (CDA) stelde tegenover de journalist dat de huidige minister staatsrechtelijk verantwoordelijk is ‘voor het beleid van toen en de gevolgen ervan‘.

Update 15 juli 2017: Er komt toch “een vorm van tegemoetkoming” voor Q-koortspatiënten. Het demissionaire kabinet reserveert daar 10 miljoen euro voor en kondigde vrijdag 14 juli 2017 aan ook een begin te maken met het uitwerken van een regeling. “Het kabinet is zich er zeer van bewust dat Q-koorts grote gevolgen heeft gehad: mensen zijn ernstig ziek geworden, zelfs overleden. Het kabinet wil komen tot een vorm van tegemoetkoming als gebaar ter erkenning van de grote gevolgen die Q-koortspatiënten hebben ondervonden“. Lees hier het gehele bericht.

Update 19 augustus 2017: Historica Dr. (Dr. per 21/9/2017) A.F. Haalboom publiceerde in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) een artikel onder de titel: “Was de uitbraak van Q-koorts een verrassing?” (08-2017). Hieruit citeer ik het volgende:

Historisch onderzoek laat zien dat Nederland gedurende de 20ste eeuw steeds op dezelfde manier is omgegaan met zoönosen* die bij productiedieren voorkomen. Het landbouwdomein had het primaat bij de bestrijding van deze ziekten. Het volksgezondheidsdomein verkreeg weliswaar een secundaire verantwoordelijkheid, maar die bleek ontoereikend om de bevolking tegen zoönosen te beschermen.”

De macht van het ‘groene front’ is weliswaar afgenomen en het belang van de humane gezondheid is in het maatschappelijke debat juist toegenomen, maar toch hebben de volksgezondheidsautoriteiten niet meer zeggenschap gekregen over de bestrijding van zoönosen.”

Aan de ene kant won gezondheid aan belang in de publieke opinie. Maar aan de andere kant kregen infectieziekten -die de gehele bevolking bedreigden- in de jaren negentig minder prioriteit dan de individuele gezondheidszorg en de daaraan gekoppelde kostendiscussies en medisch-ethische kwesties. Ook de institutionele positie van de veterinaire volksgezondheid verzwakte, bijvoorbeeld door het verdwijnen in 1997 van de Veterinaire Hoofdinspectie, die ressorteerde onder de minister van VWS. Desondanks verliep de bestrijding van BSE** in Nederland probleemloos, omdat volksgezondheids- en exportbelangen dit keer niet haaks op elkaar stonden, maar om dezelfde drastische bestrijdingsmaatregelen vroegen.”

Idealiter zijn het niet alleen belangenbehartigers en deskundigen die over de machtsverhoudingen tussen landbouw (veeteelt) en volksgezondheid beslissen, maar ook burgers: zij zijn de potentiële slachtoffers van uitbraken van zoönosen. Maar is dat mogelijk, zolang we niet weten welke uitbraak de volgende is?

* Zoönosen zijn infectieziekten die van (productie)dier op mens worden overgedragen.
** BSE: gekkekoeienziekte.

Aan het einde van het artikel verwijst Dr. Haalboom naar het op 22 september 2017 te houden symposium “One Health: verleden, heden en toekomst van zoönosen”, voorlopig programma:

Voorlopig programma symposium 22 september 2017

Update 31 augustus 2017: Provincie Gelderland neemt spoedbesluit: geen enkele uitbreiding meer van de geitenhouderij. Dit met het oog op de volksgezondheid. Zie dagblad Trouw.

En natuurlijk roept dit weerstand op bij belanghebbenden, zie Boerderij en  de reacties bij het artikel. Wil je meer informatie hierover, dan is de zoekmachine aangewezen!

Methaan manipulatie

Op bladzijde 8 van Stille Slopers beschrijf ik dat de agrarische lobby erin geslaagd is om de methaanuitstoot buiten de nieuwe Europese richtlijn (2016) te houden.

Klimaatjournalist Han van de Wiel heeft zich een half jaar verdiept in de uitstoot van het gevaarlijke broeikasgas methaan. Nederland stoot veel meer broeikasgas uit dan de overheid beweert. Hier leest u zijn onthullende artikel dd 18 april 2017.